Deze week werpt Voetbalmagazine een blik op het Lokerse transferbeleid. Het valt het weekblad op dat er geen Afrikaanse toppers meer naar Daknam komen. Ook vinden ze de nieuwe ‘Joegoslavische’ richting geen garantie op succes.
Sporting rekent vooral op buitenlanders in zijn elftal. Dat is al jaren zo. Van de veertien spelers die voor Sporting op het veld kwamen in de laatste Wase derby tegen Beveren was er slechts één met de Belgische nationaliteit.
De opmerkingen van Besnik Hasi vorige week in GvA zijn dan ook verwonderlijk. De Albanees voelt zich niet geapprecieerd op Daknam. „Vanaf het begin waren veel mensen tegen mij. Ik hoop dat het niets te maken heeft met het feit dat ik een transfer van de vroegere trainer was. Ik ben gehaald door Aimé Anthuenis. En... ik ben een buitenlander",met deze uitspraak deed hij bij voetbalkenners en in de Lokerse entourage de wenkbrauwen fronsen.
Moest een Belgische speler de opmerking maken dat hij niet aan de bak komt omdat hij een Belg is, zou dit minder stof doen opwaaien. Spelers uit eigen land komen al langer minder in beeld bij Lokeren. Vanaf 1998 verdwenen ze geleidelijk uit de ploeg. De afgelopen zes jaar trad doorgaans gemiddeld één Belg in de basis aan. Onder Leekens was dat Chris Janssens, bij Put vooral De Beule en afgelopen jaar Olivier Doll.
Alleen sijpelden de laatste jaren uit de toch alom geprezen jeugdopleiding weer talentrijke eigen producten door. Maar die verdwijnen dit seizoen één na één weer uit beeld. Zelfs belofteninternationaal Killian Overmeire haalt met moeite nog de bank. De vraag is of dit tijdelijk of definitief is. En ook, hebben ze toch niet het niveau voor de eerste klasse? Of wil men ze sparen in de harde strijd tegen de degradatie zoals de sportieve staf beweert.
In 1998 nam Willy Verhoost de job van sportief directeur op Daknam aan. Hij legde meteen andere accenten in het sportieve beleid. Sporting had toen absoluut nog geen Afrikaanse traditie. Sinds de Tsjech Ladislav Novak eind jaren 70 Lokers trainer was had het vooral contacten in Oost-Europa. Denk hierbij ondermeer aan de komst van Lubanski en Lato, Koller en de andere Tsjechen. Zij werden aangevuld met Nederlanders (Hoogenboom, Peper, Torken) en Scandinaven (Larsen, Gudjohnsen).
Het was wachten tot 1985 voor de eerste Afrikaan bij Lokeren verscheen: de
Nigeriaanse centrale verdediger Stephen Keshi die later naar Anderlecht verhuisde. Exact 15 afrikanen waren langs Lokeren gepasseerd toen Verhoost er aan zijn job begon.
Met de verkoop van Boeka Lisasi in dat jaar werd duidelijk dat er geld te verdienen was met de aan- en verkoop van Afrikanen. De voorwaarde was wel dat er een constante nieuwe aanvoer was. Met nog geen gemiddelde van vijfduizend toeschouwers bleef weinig andere keus dan het jaarlijkse gat in de begroting te dichten met de opbrengsten van de verkoop van spelers. Voorzitter Lambrecht was wel bereid in geval van nood zijn spaarcenten aan te spreken. Maar zomaar doelloos zijn geld uit te geven aan de club is nooit zijn bedoeling geweest.
Aan- en verkoop van Afrikanen werd voor Lokeren het aangewezen beleid. „Bij Lokeren zullen altijd vier of vijf Afrikanen in de ploeg staan. En reken voor de A- en B-kern samen op een tiental”, liet Verhoost in 2001 in Knack optekenen. „Nooit zal Lokeren nog een blanke spits kopen. Behalve jongens die we zelf opleiden," was de veronderstelling van de sportief manager toen.
In 1998 kwam Hein Vanhaezebrouck naar Lokeren. Zeven anderen volgden en voorlopig is Dufer de laatste Belg die via een transfer de Lokerse spelerskern vervoegde
De Lokerse Afrika-express, zoals Voetbalmagazine de gevoerde Afrika-politiek noemt, bracht na de 15 pioniers nog eens 42 spelers. Tenminste, voetballers die een contract kregen en in de A-kern opgenomen werden. Anderen werden met veel poeha aangekondigd, maar kwamen nooit in de statistieken voor en verdwenen onopgemerkt langs de achterdeur zonder één wedstrijd gespeeld te hebben. Zo arriveerden in augustus 2000 vijf witte merels. Naast de Ivoriaanse spits Moumouni Ouattara (nooit meer iets van gehoord) was er Memeka Mamale. De beste speler van Afrika, noemde Verhoost hem in het Knackinterview 6 jaar geleden: „Beter dan Pele vinden ze in Afrika, maar een ramp in België. We stuurden hem weg." Bij de spelerskern die het seizoen 2004/05 aanvatte, staat Momo Wandel Soumah uit Guinee bij de inkomende transfers. In de voetbalstatistieken is zijn naam niet terug te vinden.
Anderen toonden wél een toegevoegde waarde en werden voor flink wat geld verkocht: Souleymane Youla bijvoorbeeld (in 2000), of recentelijker Aristide Bancé. Sommige goudhaantjes vonden dat niet Lokeren maar zijzelf volop mochten profiteren van hun eigen meerwaarde. Razend was Verhoost toen Sambegou Bangoura met hulp van zijn vriend Alfred Raoul transfervrij vertrok naar Standard. Tot dan was Raoul vaak Verhoosts steun en toeverlaat in Afrika. Na de breuk met Raoul stuurde Lokeren Willy Reynders naar Afrika, om er ter plaatse een oogje te houden op de clubs waar Lokeren een samenwerkingsakkoord mee had.
Op Bancé na leverde dat de laatste jaren géén goudklompjes meer op. Het probleem
met Afrikanen is, net als met jonge, zelf opgeleide Belgen, dat ze tijd nodig hebben. Dat wist Verhoost al in 2001: „Probleem is dat ook jonge spelers tijd moeten krijgen in de eerste ploeg, maar dat die er niet is. Alles moet meteen renderen, want het gaat om overleven. Wat moet je dus doen ? Zo veel mogelijk goeie en betaalbare spelers halen en er regelmatig een met meerwaarde verkopen. Als je ambities hebt, ben je eenvoudigweg tot die politiek gedwongen."
Om dat gebrek aan tijd en geduld op te vangen volgt Lokeren sinds een paar jaar een andere piste: betaalbaar, nog onbekend talent uit het voormalige Joegoslavië. Daarvoor vond het de geschikte man in Dejan Veijkovic. De voormalige speler van Eendracht Aalst is een minzame man die sinds vorig jaar ook Lierse wel eens uit de nood helpt als het verlegen zit om een nieuwe speler. Sinds hij in 2004 doelman Jugoslav Lazic naar Dakmnam haalde wordt hij er fel gewaardeerd.Met het aanbrengen van trainer Slavoljub Muslin aanbracht, kan Veijkovic in Lokeren blijkbaar niet veel meer verkeerd doen.
Als er geen zwarte parels een meerwaarde kunnen opbrengen, bezetten de spelers
van Veijkovic de etalage. De etalagepolitiek waarbij volgens VM de voorkeur wordt gegeven aan spelers van Verhoost en Veijkovic in het elftal zou elke nieuwe trainer op Daknam in een moeilijke positie brengen. Kiest hij voor de beste elf of voor de elf die in de portefeuille zitten van Verhoost of Veijkovic ?
Trainers zijn, zeker op Lokeren, passanten die rekening moeten houden met de sportieve visie van Lambrecht. Toen Pedrag Filipovic aangeboden werd, was toenmalig trainer Anthuenis er niet wild van. Filipovic kwam toch. Bij de komst van Goran Maznov als diepe spits waarschuwden kenners met de statistieken in de hand dat de Macedonische international niet de man was die voor de doelpunten ging zorgen na het vertrek van Bancé, Hakim Bouchouari en Goran Drulic. Tot nu toe kon Maznov nog geen toegevoegde waarde tonen.
Ook de trainerswissel van Ariël Jacobs — die geen inspraak had bij transfers — door wonderdokter Muslin, die carte blanche, bracht nog maar weinig op. De Servische Fransman heeft veel kwaliteiten, maar een tovenaar blijkt hij niet te zijn. Ook hij kreeg niet meteen een lijn in het bij elkaar gekochte geheel zodat nu voor het behoud moet worden gestreden. Daar wordt de Lokerse voorzitter nerveus van. Op zoek naar oplossingen werd daarom misschien wel onlangs ex-speler Raymond Mommens gepolst. Als kenner van de Franse markt speurt hij voor Charleroi goedkoop talent op dat aan een flinke meerwaarde verkocht wordt. Voor de Afrikapolitiek van Verhoost zou de komst van Mommens géén goed nieuws zijn. Maar voorlopig hoeft de man met de sigaar zich geen zorgen te maken. Zolang Lokeren een vaste stopplaats is op de Afrika-expres, ziet Mommens zichzelf volgens VM niet in een rol als treinconducteur.
Bron: Voetbalmagazine